Denk lokaal
Een belangrijk onderdeel van Kennis voor Klimaat Thema 6 (Hoge kwaliteit klimaatprojecties) is het verbeteren van modellen met een hoge resolutie. Het gaat om zowel regionale als lokale modellen. Regionale modellen hebben rekengrids van zo’n 10 tot 50 km en rekenen een gebied ter grootte van Europa door. Lokale modellen hebben rekengrids van 1 tot 5 km en rekenen een gebied ter grootte van de Benelux door.
Regionaal versus lokaal
Regionale modellen voegen ten opzichte van mondiale modellen informatie toe op kleinere schaal (minder dan100 km). In het bijzonder wanneer het landoppervlak lokale kenmerken heeft die van invloed zijn op het klimaat, zoals overgangen van land naar zee en bergen, of bij veranderingen in het landgebruik. Regionale modellen zijn specifiek van belang voor inzicht in klimaatvariabelen waarvoor lokale processen een belangrijke rol spelen, zoals voor neerslag. Het regionale model RACMO van het KNMI wordt in thema 6 verder verbeterd. De invloed van landgebruik en de Noordzee op het klimaat, wordt bijvoorbeeld beter in het model opgenomen.
Met lokale modellen is het mogelijk om inzicht te krijgen in het type bui. Hoeveel neerslag genereert de bui? En in hoeveel tijd valt deze neerslag? Valt de neerslag in de vorm van regen of hagel? Het lokale model HARMONIE wordt in thema 6 gebruikt om voorbeelden van extreem weer (zoals een storm, extreme bui) te geven die passen bij het klimaat in de toekomst.
Kustneerslag
Een voorbeeld van een verschijnsel waarvoor regionale modellering is vereist, is de natter wordende kust in Nederland. Uit waarnemingen blijkt dat de kust in de zomer en vroege herfst, ten opzichte van het binnenland steeds natter wordt. Met het regionale model RACMO van het KNMI kan dit kusteffect al redelijk worden weergegeven. Het model legt echter de neerslagpiek nog te ver zeewaarts. In werkelijkheid valt de meeste neerslag namelijk meer landinwaarts dan het model aangeeft. Aan dit probleem wordt in de doorontwikkeling van RACMO en met het nieuwe model HARMONIE tijdens thema 6 gewerkt.
Denk óók mondiaal
Naast het verbeteren van de regionale en lokale modellen blijft ook het doorontwikkelen van mondiale modellen van groot belang. Deze zijn nodig om inzicht te krijgen in de verandering van de gemiddelde temperatuur, neerslag, wind, grootschalige neerslagextremen en stormen. Bovendien wordt in regionale klimaatmodellen gerekend met de resultaten van mondiale klimaatmodellen. Onzekerheden in mondiale klimaatmodellen zorgen daarmee ook voor onzekerheid in de resultaten van lokale modellen. Daarom is het verbeteren van mondiale modellen ook voor regionaal modelleren van belang.
 | Oplossend vermogen van modellen van verschillende schaal |