Organisatie, taken en verantwoordelijkheden van organisatieonderdelen
Wageningen Universiteit en Researchcentrum en de Universiteit Utrecht hebben gezamenlijk de Stichting Kennis voor Klimaat opgericht, die tot doel heeft het publiek beschikbaar krijgen van wetenschappelijk gefundeerde en vanuit de maatschappelijke praktijk gevoede kennis voor klimaat en daaraan gerelateerde thema’s als ruimte, infrastructuur en duurzaamheid.
Samen met de andere initiatiefnemers van het Kennis voor Klimaat programma - de Vrije Universiteit, KNMI, TNO en Deltares - hebben zij een overeenkomst gesloten om het programma wetenschappelijk uit te voeren. Het programma wordt deels gefinancierd uit de aardgasbaten (50 miljoen euro FES middelen).
De stichting heeft de volgende structuur:
De stichting Kennis voor Klimaat kent de volgende organisatieonderdelen:
In het onderstaande worden de taken en verantwoordelijkheden per onderdeel beschreven.
Toezicht
De stichting heeft een Raad van Toezicht (RvT), die uit minimaal 5 en maximaal 7 personen bestaat. De RvT heeft als taak toezicht te houden op het beleid van de RvB en op de algemene gang van zaken in de stichting. Daartoe moet periodiek de RvB over de besteding van de beschikbaar gestelde middelen verantwoording afleggen aan de Raad van Toezicht (en aan het ministerie van VROM). Daarnaast staat de RvT de RvB ter zijde. De RvT functioneert daarbij als adviseur en klankbord wat betreft de te volgen koers, het gehele beleid van de RvB en de algemene gang van zaken in de stichting. De RvT komt ten minste twee maal per jaar bijeen.
Bestuur
De stichting wordt vertegenwoordigd door de Raad van Bestuur (RvB) en bestaat uit drie personen. De RvB draagt de algehele verantwoordelijkheid voor de stichting en voor het bereiken van de doelen, die in de statuten zijn vastgelegd. Dat betreft o.a. het doen van onderzoek vanuit de praktijkbehoefte naar het klimaatbestendig maken van Nederland en het verspreiden van die verworven kennis.
De RvB zorgt ervoor de onderzoeksprogrammering tot stand komt o.a. door het vaststellen van inhoudelijke prioriteiten en van de financiële randvoorwaarden en kaders. De RvB stuurt op de samenhang en de kwaliteit van het onderzoek, dat binnen de diverse programmaonderdelen van KvK wordt uitgevoerd. Hij stemt het onderzoekprogramma van Kvk af met onderzoekprogramma’s van andere kennisinstellingen. Ook zorgt de RvB voor een goede verhouding tussen het meer fundamenteel en het toegepast onderzoek, beoordeelt hij ingediende projectvoorstellen en motiveert hij zijn besluiten. De RvB laat zich daarbij o.a. adviseren door de Programmaraad en Bestuursadviesraad.
De RvB bewaakt de voortgang en de kwaliteit van de uitvoering van het onderzoek. Daarin wordt de RvB bijgestaan door het Programmabureau, de hotspotcoördinatoren, de Kennis Klimaat Faciliteit, de KennisTransfer en de projectleiders. Zij adviseren de RvB over de voortgang, de kwaliteit en de besteding van middelen van de uitgezette onderzoeksprojecten en over de samenhang tussen deze projecten. Het advies is gebaseerd op informatie die het Programmabureau periodiek hierover opstelt.
Vanzelfsprekend is de RvB ook verantwoordelijk voor het reilen en zeilen binnen de organisatie en voor de financiële gang van zaken, zoals de verdeling van het budget, het sluiten van contracten voor de uitvoering van goedgekeurde onderzoeksvoorstellen en het bewaken en de uitputting van het budget. De RvB besluit over het jaarplan en het jaarverslag en legt dit ter goedkeuring voor aan de Raad van Toezicht.
Adviesraden
Periodiek laat de RvB zich ook adviseren over de hoofdlijnen van zijn beleid door de Bestuursadviesraad, de Wetenschappelijke Adviesraad en de Maatschappelijke Adviesraad.
De Bestuursadviesraad (BAR) fungeert als een onafhankelijk orgaan. De BAR adviseert de RvB over strategische aangelegenheden, in het bijzonder over de samenwerking met de betrokken publieke en private partijen, over kennisontwikkeling en kennistransfer, en over de besteding van FES middelen. Daarbij komen de hoofdlijnen van de programmering en de aansluiting op de beleidsagenda aan de orde. Andere onderwerpen zijn de samenwerking met de betrokken ministeries, kennisinstellingen en kennisprogramma’s, en de kennisontwikkeling en kennistransfer. Ten minste twee maal per jaar komen de leden van de BAR bijeen, gezamenlijk met de leden van de RvB.
De Wetenschappelijke Adviesraad is verantwoordelijk voor een (tweejaarlijkse) toets op de voortgang en de wetenschappelijke kwaliteit van het programma en op het innovatieve karakter van het programma. Deze raad adviseert de RvB in algemene zin over de te volgen wetenschappelijke koers van de diverse programmaonderdelen en over het opstellen van de Terms of Reference voor de wetenschappelijke evaluatie van het programma.
Daarnaast is er een Maatschappelijke Adviesraad. Deze raad adviseert (tweejaarlijks) over de maatschappelijke relevantie en over de maatschappelijke impact van het programma als geheel. Daartoe schenkt de raad aandacht aan de koers, die de diverse programmaonderdelen volgen, en aan de Terms of Reference voor de maatschappelijke evaluatie van het programma.
Deze vier raden staan wat meer op afstand van het programma. Ze zijn niet betrokken bij de directe uitvoering. Voor de directe uitvoering van het programma maakt de RvB gebruik van de Programmaraad en het Programmabureau.

De Programmaraad speelt een belangrijke adviserende rol bij de programmering en bij de voorbereiding van de verschillende evaluaties van het Programma. De Programmaraad bestaat uit ten minste 12 en ten hoogste 18 leden. In de Programmaraad zijn de rijksoverheid, de hotspots, de inhoudelijk georiënteerde programmaonderdelen (Klimaat Kennis Faciliteit, Kennistransfer) en het programmabureau vertegenwoordigd. De voorzitter van de RvB is tevens voorzitter van de Programmaraad. De Programmaraad komt ten minste één maal per jaar bijeen. De Programmaraad adviseert de RvB op het gehele werkterrein en over de algemene gang van zaken. In het bijzonder schenkt hij aandacht aan de begroting en aan de mogelijke onderzoeksvragen, die in de diverse programmalijnen aan de orde zouden kunnen komen. De Programmaraad let op de samenhang tussen de projecten en identificeert mede op grond daarvan mogelijke generieke onderzoeksprojecten. Hij helpt mee om de kwaliteit en geschiktheid te bewaken van de Terms of Reference voor projecten en van de projectvoorstellen, die in reactie daarop zijn ingediend. Ook adviseert hij de RvB over de besteding van middelen aan projecten en over de voortgang van projecten. Tenslotte adviseert de Programmaraad de RvB over het jaarplan en de reviewprocedures. De raad draagt de resultaten aan voor het jaarverslag van het afgesloten jaar. Een door de Programmaraad uitgebracht advies aan de RvB is niet bindend.
Realisatie
Voor de uitvoering van de werkzaamheden van de stichting beschikt het bestuur over het Programmabureau. Het Programmabureau ondersteunt de Raad van Bestuur, de Raad van Toezicht, de Programmaraad, de Wetenschappelijke Adviesraad, de Maatschappelijke Adviesraad en de Kennistransfer bij het uitvoeren van hun taken. Het bureau bereidt de vergaderingen en besluiten voor en voert ze uit. Het bureau ondersteunt de RvB bij de toekenning van subsidies. Ook zorgt het Programmabureau voor de administratie van de stichting, voor financiële afhandeling van contracten en verplichtingen, en voor het beheer, de monitoring en de evaluatie van uitgevoerde projecten. Het bureau bereidt de financiële en inhoudelijke planning voor en stelt de periodieke financiële en inhoudelijke rapportages op ten behoeve van besluitvorming door het bestuur.
Tot zo ver zijn de onderdelen van de stichting aan de orde geweest, die bijdragen aan uitvoering, coördinatie, advies en besluitvorming. Voor de inhoudelijke invulling beschikt de stichting over de Klimaat Kennis Faciliteit, de KennisTransfer, Bouwstenen NAS en de hotspots.
De Klimaat Kennis Faciliteit (KKF) bestaat uit drie onderdelen: modelplatform, onderzoeksplatform en het onderdeel Bouwstenen Nationale Adaptatie Strategie (NAS). Op basis van overleg identificeert de KKF lacunes in de generieke kennis, waaraan hotspots en overheden behoefte hebben. Vervolgens formuleert de KKF kennisvragen en stelt de KKF gedetailleerde en samenhangende Terms of Reference op voor de programmaonderdelen ‘modelplatform’, ‘onderzoeksplatform’ en ‘Bouwstenen NAS’. Zij doet dit binnen de door de RvB gestelde kaders en prioriteiten en, waar relevant, na consultatie van vertegenwoordigers van de andere programmaonderdelen.
De KKF bundelt en beheert relevante kennis over adaptatie aan klimaatverandering en stelt deze kennis ter beschikking aan gebruikers. Zo draagt de KKF bij aan een goede afstemming tussen de generieke kennisvragen en de gebiedsspecifieke kennisvragen. Tevens stemt de KKF af met onderzoek in andere BSIK-programma’s (met name Klimaat voor Ruimte, Leven met
Water en Habiforum) en onderzoekprogramma’s, zoals Duurzame Aarde van NWO, Duurzame Randstad en andere programma’s. Op deze wijze bevordert de KKF de samenwerking tussen de betrokken kennisinstellingen en onderzoeksgroepen. Samen met de RvB ontwikkelt de KKF ideeën over de lange termijn kennisinfrastructuur.
Het programmaonderdeel KennisTransfer is verantwoordelijk voor het beschikbaar maken (passief) en voor een zo effectief mogelijke overdracht (actief) van wetenschappelijke en toegepaste kennis van de leveranciers naar de potentiële gebruikers op regionale, nationale en internationale schaal. De KennisTransfer kan daartoe o.a. communicatie- en onderzoeksprojecten formuleren en (laten) uitvoeren. Daartoe stelt de KennisTransfer eerst gedetailleerde Terms of Reference op voor kenniscommunicatie- en kennisdisseminatieprojecten binnen de door de RvB gestelde kaders en prioriteiten. Waar relevant consulteert de Kennistransfer eerst vertegenwoordigers van de andere programmaonderdelen. Het onderdeel KennisTransfer is het ‘front office’ voor (inhoudelijke) vragen.
De KennisTransfer draagt het meeste bij aan het organiseren van een kennisnetwerk rond klimaatadaptatie. De KennisTransfer is mede daarom het onderdeel van het programma, dat het beste kan adviseren over mogelijke cofinanciering.
In de hotspots (nationaal en internationaal) werken in een breed samengesteld hotspotteam publieke en private partijen effectief samen onder leiding van een hotspotcoördinator. Samen werken zij aan de kennisvraag-articulatie, aan kennisontwikkeling en kennistoepassing in algemene zin. In het hotspotteam zijn de belanghebbende overheden, maatschappelijke organisaties en kennisinstellingen vertegenwoordigd. In een iteratief en participatief proces formuleert het team de kennisvragen, die relevant zijn voor het klimaatbestendig maken van de geselecteerde regio’s. Het team stelt gedetailleerde programma’s van eisen op (‘terms of references’: TOR’s) voor relevante onderzoeksprojecten, laat daarop gebaseerde onderzoeksvoorstellen opstellen, en zoekt naar cofinanciering. Na goedkeuring van het projectvoorstel stuurt het team de uitvoerders van de onderzoeksprojecten aan.
De hotspot zorgt voor een goede afstemming tussen de gebiedsspecifieke kennisvragen en de generieke kennisvragen. Daaruit volgt dat de hotspot verantwoordelijk voor het onderhouden van intensieve contacten met vertegenwoordigers van overige hotspots en de KKF. Daartoe draagt de hotspot o.a. actief bij aan kennistransfer. Belangrijk product is het genereren van ‘opties voor een adaptatiestrategie’ voor het gebied van de betreffende hotspot. Dit kan in de vorm van een apart project, waarin de resultaten van alle uitgevoerde projecten worden verwerkt.
Binnen de hotspots, KKF, KennisTransfer en Programmabureau kunnen projectleiders worden aangesteld voor de uitvoering van projecten, die door de RvB zijn goedgekeurd. Projectleiders zijn verantwoordelijk voor het ontwikkelen van onderzoeksprojecten, voor het vormen van een projectconsortium, het zoeken naar medefinanciers en voor de uitvoering van het project.
Uitvoering van een project omvat ook het regelmatig rapporteren over de voortgang aan de inhoudelijke en financiële medewerkers van het Programmabureau en via het Programmabureau aan de hotspotcoördinator, de Programmaraad en de RvB. In overleg met de hotspotcoördinator wordt mede bijgedragen aan de ontwikkeling van het deelprogramma, waartoe het betreffende project behoort: Programmabureau, KKF, hotspot of KennisTransfer.
Download het Jaarplan 2010.
